Je hebt geld uitgeleend of anderszins een vordering uitstaan bij een afnemer. Dan kan verpanding van bijvoorbeeld inventaris je zekerheid bieden. Door een pandakte kun je dit bewerkstelligen. Het is daarbij niet nodig dat de inventaris in jouw macht wordt gebracht (vuistpand), dit heet dan stil pand, vuistloospand of bezitloos pand. Houd er wel rekening mee dat stil pand iets minder zeker is dan vuistpand (immers de pandgever kan haar inventaris tegen de afspraken in vervreemden).
Wat houdt de zekerheid van een (eerste) pandrecht in
De zekerheid die je hebt als pandnemer is dat indien de pandgever failliet gaat jij de verpande zaken met voorrang kan executeren, net als hypotheek (als ware er voor jouw geen faillissement en geen concurrente schuldeisers). Het surplus van de opbrengst vervalt dan wel aan de boedel.
Een pandakte dient altijd geregistreerd te worden bij de belastingdienst. De belastingdienst is door de overheid belast met de taak om pandaktes te registreren. De registratie is een constitutief vereiste in die zin dat het pandrecht pas wordt aangenomen als je een registratiebewijs kunt overleggen, de datum daarin genoemd is dan ook de datum van vestiging (dit om antedatering en kwader trouw te voorkomen)
Het verdient de aanbeveling bij een geldlening gelijk stil pand te bedingen.
Onderdelen van voorbeeld pandakte
Onderstaand voorbeeld is gebaseerd op stil pand op inventaris en gaat uit van een geldlening aan natuurlijke personen. In deze pandakte zijn onder andere de volgende onderdelen terug te vinden:
vestiging, garanties, goed huisvaderschap en verzekering;
parate executie;
vervreemdingsverbod;
kosten.
Gerelateerd aan voorbeeld pandakte (ook wel: stil pand, vuistloos pand of bezitloos pand)